
Opmerkelijk is dat de gemeente Overbetuwe, Waterschap Rivierenland en de Parkorganisatie van Landschapspark Lingezegen ‘ineens’ beweren dat de Linge, de vroegere Rijn- en Waalwetering, geen kanaal maar een rivier is. Nabij de brug over de Linge in de Grote Molenstraat in Elst bij de ingang naar Park Lingezegen staan sterk vervuilde informatieborden over o.a. de Limes en de Linge. Het waterschap spreekt daar abusievelijk over de Linge als een rivier in plaats van een afwateringskanaal. Deze fout zet veel lezers op het verkeerde been, ook het college van B en W. van de gemeente Overbetuwe. Dat wil in de te bouwen Lingebuurt naar aanleiding van de ‘rivier’ de Linge straatnamen van rivieren. Juist is dat te doen naar aanleiding van de 'oude' rivier de Aam of de Ambe. Het Waterschap Rivierenland beweert abusievelijk dat het met de Linge wat ingewikkeld ligt. Gedeeltelijk beschouwt het de Linge als een kunstmatige rivier – en dat is nou juist een kanaal - met de uitstraling van een kanaal. Benedenstrooms heeft de Linge een natuurlijk karakter. Doorgaans gebruiken we – Waterschap Rivierenland - de term ‘rivier’ voor de Linge. De burger of gewone Betuwenaar echter niet. Die zegt kanaal tegen een kanaal en rivier tegen een rivier. Het Polderdistrict Over-Betuwe had ook meer verstand van de aard van de Linge dan het Waterschap. Geen flauwekul. Het is helemaal niet ingewikkeld. Buurschappen bouwden in de dertiende tot het begin van de veertiende eeuw in de ‘landstreek Batua’ dijken en groeven in 1244 een centraal afwateringskanaal; waarschijnlijk onder gezag van de graaf van Gelre. Die was sinds de dertiende eeuw de grootste grondbezitter in deze landstreek. Dit afwateringskanaal bestond uit de smalle noordelijke Rijnwetering en de brede zuidelijke Waalwetering gescheiden door een aarden wal, de ‘Wetteringsewal’. Water uit het Pannerdensch kanaal wordt ingelaten in de watergang de Linge bij Doornenburg. De in de 13de eeuw (1244!) gegraven en rechttoe rechtaan gekanaliseerde Boven-Linge is een kanaal tot bij Zoelen (ruim 46 km.) en daarna een rivier of Beneden-Linge tot Gorinchem (de Dode Linge) om daar uit te monden in de Beneden Merwede, in totaal met een lengte van 108 kilometer. Vandaar de bijnaam het lange water. Tot in de jaren vijftig van de vorige eeuw bestond de Linge of Landwetering (Wettering zei de Betuwenaar) nog uit de Landweteringen noordelijke Rijnwetering en zuidelijke Waalwetering gescheiden door een aarden wal, de Weteringsewal, het bekende en broodnodige afwateringskanaal voor de Betuwe waarin tal van graven, zegen, pijpen en afwateringssloten water van de komgronden en broeklanden afvoeren. Simpel toch. Het Waterschap Rivierenland moet nog een lesje over afwatering, weteringen, kanalen en rivieren beter bestuderen.